Een kleine, donkere steenwereld met lichte en donkere vlekken van oude inslagen.
Het oppervlak is kaal, hard en sterk door kraters getekend.

Een oppervlak vol kraters
Mercurius heeft een oud en rotsachtig oppervlak. Net als de maan van de aarde is het bezaaid met ronde kraters. De meeste ontstonden toen asteroïden en kometen in de vroege geschiedenis van het zonnestelsel insloegen.
Een van de grootste inslaggebieden is het Calorisbekken. Het is ongeveer 1.550 kilometer breed. Bij zo'n enorme inslag wordt gesteente diep in de bodem verstoord en kan materiaal over grote afstanden worden weggeslingerd.
Meer dan alleen kraters
Op Mercurius liggen ook lange, steile kliffen. Deze ontstonden toen het binnenste van de planeet afkoelde. Het binnenste kromp een beetje, waardoor de buitenste korst werd samengedrukt en op sommige plaatsen omhoog schoof.
Rond jonge kraters zijn soms heldere stralen te zien. Dat zijn strepen van vers, reflecterend materiaal dat bij de inslag over het oppervlak werd verspreid. Door de voortdurende invloed van stofdeeltjes en de zonnewind worden zulke stralen langzaam donkerder.
- Mercurius heeft veel oude inslagkraters.
- Het oppervlak is overwegend grijsbruin.
- Lange kliffen vertellen dat de planeet in de loop van de tijd is gekrompen.

De grote metalen kern
Een doorsnede laat zien dat Mercurius van binnen heel anders is dan zijn kleine formaat misschien doet vermoeden. De planeet heeft een uitzonderlijk grote, ijzerrijke kern.
| Laag | Wat weten we? |
|---|---|
| Korst | De vaste buitenlaag met kraters en breuklijnen. |
| Mantel | Een relatief dunne laag van rotsachtig materiaal. |
| Kern | Een grote, ijzerrijke kern die ongeveer 85% van de planeetstraal beslaat. |
Mercurius is de op één na dichtste planeet van het zonnestelsel; alleen de aarde heeft gemiddeld een hogere dichtheid. Metingen wijzen erop dat een deel van de metalen kern nog vloeibaar is. Bewegend vloeibaar metaal kan het zwakke magnetische veld van Mercurius veroorzaken.
Dat magnetische veld is aan het oppervlak ongeveer één procent zo sterk als dat van de aarde. Het is toch belangrijk: het laat zien dat Mercurius geen volledig dode steenwereld is en dat de zonnewind met de planeet kan wisselwerken.

Dicht bij de zon: licht en extreme hitte
Mercurius staat gemiddeld ongeveer 58 miljoen kilometer van de zon. Zijn baan is niet perfect rond: de afstand varieert ongeveer van 47 miljoen kilometer tot 70 miljoen kilometer.
Op de dagzijde kan de temperatuur stijgen tot ongeveer 430 °C. Wanneer een gebied in de lange nacht ligt, kan het afkoelen tot ongeveer −180 °C. De planeet heeft bijna geen atmosfeer om warmte vast te houden of naar de nachtzijde te brengen.
Een exosfeer in plaats van een gewone atmosfeer
Mercurius heeft een zeer dunne exosfeer. De deeltjes daarin botsen zo weinig met elkaar dat we niet van een dichte atmosfeer zoals die van de aarde spreken. De exosfeer wordt steeds aangevuld door de zonnewind, micrometeorieten en deeltjes die door zonlicht van het oppervlak worden losgemaakt.
De exosfeer bevat onder andere zuurstof, natrium, waterstof, helium en kalium. Zij is te dun om een blauwe lucht, wolken of een normaal weerpatroon te maken.
Waterijs in eeuwige schaduw
Bij de noord- en zuidpool liggen diepe kraters waarvan sommige delen nooit rechtstreeks zonlicht krijgen. In zulke permanente schaduw kan het koud genoeg blijven om waterijs te bewaren, ook al zijn zonnige delen van Mercurius extreem heet.
Mercurius is dus niet overal even warm. De plaats en de hoeveelheid zonlicht zijn belangrijker dan alleen de gemiddelde afstand tot de zon.

Een jaar korter dan een dag
Mercurius draait in ongeveer 88 aardse dagen rond de zon. Daarmee heeft de planeet het kortste jaar van alle planeten in ons zonnestelsel.
Een draai om de eigen as duurt ongeveer 59 aardse dagen. Door de combinatie van de baan en de rotatie duurt een zonnedag, van één middag tot de volgende middag, ongeveer 176 aardse dagen.
De bijzondere 3-op-2-verhouding
Mercurius draait drie keer om zijn as terwijl hij twee keer rond de zon gaat. Deze verhouding heet een 3:2-spin-baanresonantie. Daardoor komen zonsopkomsten en zonsondergangen op Mercurius anders terug dan op de aarde. Op sommige plaatsen kan de zon even opkomen, weer zakken en daarna opnieuw opkomen.
De lichttijd vanaf de zon is gemiddeld ongeveer 3,2 minuten. Dat is korter dan bij de aarde, omdat Mercurius dichter bij de zon staat.
- Een jaar: ongeveer 88 aardse dagen.
- Een rotatie: ongeveer 59 aardse dagen.
- Een zonnedag: ongeveer 176 aardse dagen.
- De rotatie-as helt maar ongeveer 2 graden.
Mercurius is klein, snel en sterk door kraters gevormd. De planeet staat dicht bij de zon, maar is niet de heetste. Zijn grote metalen kern, dunne exosfeer, zwakke magnetische veld en mogelijke poolse ijsvoorraden maken hem een belangrijke wereld voor ruimteonderzoek.
Veelgestelde vragen over Mercurius
Is Mercurius de heetste planeet?
Nee. Mercurius heeft de hoogste dagtemperaturen, maar Venus is gemiddeld heter. De dikke atmosfeer van Venus houdt warmte dag en nacht vast. Mercurius heeft bijna geen atmosfeer, waardoor de nachtzijde sterk afkoelt.
Heeft Mercurius een maan?
Nee. Mercurius heeft geen natuurlijke manen en ook geen ringen.
Kan er ijs op Mercurius liggen?
Ja. In diepe kraters bij de polen die nooit direct zonlicht krijgen, kan waterijs bewaard blijven. De schaduwrijke bodems zijn daar extreem koud.
Waarom heeft Mercurius zoveel kraters?
Mercurius heeft geen dikke atmosfeer die kleine ruimtebrokken laat opbranden. Bovendien verandert het oppervlak langzaam. Daardoor blijven oude inslagkraters lange tijd zichtbaar.
Hoe onderzoeken we Mercurius?
NASA's Mariner 10 vloog in de jaren zeventig langs Mercurius. NASA's MESSENGER draaide van 2011 tot 2015 om de planeet en bracht het oppervlak, de kern, het magnetische veld en de poolgebieden in kaart. De gezamenlijke ESA/JAXA-missie BepiColombo onderzoekt Mercurius met twee wetenschappelijke orbiters.
Waarom is Mercurius belangrijk?
Mercurius is een voorbeeld van hoe verschillend rotsplaneten kunnen zijn. Hij heeft een harde korst zoals de aarde, maar een veel grotere metalen kern in verhouding tot zijn formaat. Hij laat ook zien wat er gebeurt wanneer een wereld vrijwel geen atmosfeer heeft: een sterk verschil tussen dag en nacht, een oppervlak vol oude inslagen en een directe wisselwerking met de zonnewind.
Door Mercurius te vergelijken met Venus, de aarde en Mars kunnen wetenschappers beter begrijpen hoe de binnenplaneten zijn ontstaan en waarom hun atmosferen en klimaten zo uiteenlopen.
Bronnen en verder lezen
Deze uitleg is zelfstandig geschreven in eenvoudige Nederlandse taal. De feiten over de baan, rotatie, temperatuur, opbouw, exosfeer en ruimteonderzoek zijn gecontroleerd aan de hand van informatie van NASA en ESA.
Laatst inhoudelijk gecontroleerd: 29 oktober 2026.